Dé lokale en regionale nieuwssite

Beste bezoeker, Als journalist schrijf ik over actuele zaken. Deze blog heeft ruim 1,9 miljoen bezoekers verwelkomd. Hier vindt u alle, ruim 23.900, gepubliceerde artikelen, verschenen in landelijke, regionale en lokale dag- en weekbladen en magazines. Veel leesplezier! Mocht u onderwerpen aan de kaak willen stellen, neemt u dan contact met mij op: joepderksen@live.com. Foto's kunnen, tegen vergoeding, besteld worden via dit emailadres.

27 maart 2008

Buurt schrikt van komst Polen

Hoteleigenaar: ‘Het stoort me dat de mensen zo tegen Polen zijn’

NOORDWIJK – De aankondiging dat de eigenaresse van Hotel Pirombo de exploitatie per 1 juni gaat stopzetten, waarna het pand gebruikt wordt voor de huizing van Poolse werknemers, heeft een schokeffect veroorzaakt bij de omwonenden van de Oude Zeeweg en Breloftpark. Onze correspondent inventariseerde de gemoederen.

Jolanda Wendt, mede-eigenaar van Hotel Pirombo, snapt de ophef niet echt. ‘Dit is al twee maanden bekend en de verhuur van het pand is een voldongen feit. We gaan ons bedrijf stopzetten en hebben het pand voor vijf jaar verhuurd aan een ander bedrijf, namelijk het gerenommeerde uitzendbureau Van Koppen en Van Eijk. Zij hanteren strikte huisregels voor de 33 Poolse werknemers die hier komen wonen.’

Enkele van de omwonenden zijn bereid om met de krant te praten, maar alleen op basis van strikte anonimiteit. De eerste bewoner zegt: ‘Dit is een woonwijkje met zo’n twintig huizen. Wanneer je 33 mensen opstapelt in hotel Pirombo, krijg je een woonkazerne. Mevrouw Wendt heeft een susbriefje gestuurd, maar wat daarin staat klopt niet. Met een bezettingsgraad van circa 50% hebben ze het hele jaar door maar zo’n 11 gasten. Nu komen er 33 gasten van een totaal ander type en wij als omwonenden verwachten dat hier overlast van komt. We gaan op korte termijn een wijkvereniging oprichten om ook sterker te staan richting de politiek. In ieder geval is 99% van de bewoners tegen op de hotelontwikkelingen. Zakelijk gezien snap ik het besluit wel, maar ik wil er als bewoner niet mee te maken hebben.’

Een ander: ‘Ik ben er niet op tegen. In eerste instantie schrik je, maar na een gesprek met de eigenaresse en het lezen van die brief denk ik dat het allemaal wel mee zal vallen. Het punt is dat er toezicht is; als de mensen zich gedragen als gasten, hebben wij er geen last van. Het is zelfs zo dat mensen uit het hotel worden gestuurd als zij zich misdragen. Ik heb het idee dat het allemaal wel meevalt en distantieer me van de plannen om een comite op te zetten.

Een buurman iets verderop in de straat vertelt: ‘Met 33 mensen in zo’n huis, zitten er gewoon teveel mensen op een kluitje. Het zijn allemaal jonge mannen en dat gaat gewoon niet goed, denk ik. Kijk de kranten er maar op na, dan zie je soortgelijke gevallen. Bovendien zitten die mensen er niet voor een paar weken, maar voor vijf jaar.’ De verzekering van de eigenaresse dat mensen weg worden gestuurd zodra ze overlast veroorzaken, stelt deze man niet gerust: ‘De prijktijk blijkt vaak heel anders te zijn en het zou een wonder zijn als het nou wel goed zou gaan. Het is een heel ander type gast dat hier komt: ze komen hier om te werken en ze gaan daar wonen. Die mensen willen ook recreatie hebben en de kans dat het uit de hand loopt is groot.’

Wendt besluit: ‘Het stoort me dat de omwonenden zo anti-Polen zijn, want hier staan genoeg Poolse autootjes in de straat, van mensen die allerlei klusjes verrichten. Ook komt bij een van de buren regelmatig een Pools werkstertje langs. Een van de buren reageert hier op: ‘Wat ik vervelend vind is dat het net zo is of wij tegen Polen zijn of tegen gastarbeiders. Dat is niet het geval: het gaat ons om het verdedigen van onze belangen. Het gaat ons niet om het soort mensen dat er komt te wonen, maar het zijn veel te veel mensen op een kluitje.’