Dé lokale en regionale nieuwssite

Beste bezoeker, Als journalist schrijf ik over actuele zaken. Deze blog heeft ruim anderhalf miljoen bezoekers verwelkomd. Hier vindt u alle, ruim 21.100, gepubliceerde artikelen, verschenen in landelijke, regionale en lokale dag- en weekbladen en magazines. Veel leesplezier! Mocht u onderwerpen aan de kaak willen stellen, neemt u dan contact met mij op: joepderksen@live.com. Foto's kunnen, tegen vergoeding, besteld worden via dit emailadres.

27 maart 2017

'Het mooiste bedrijf van Ethiopië'

Ziway – Vader Huub en zoon Marco van den Berg vertellen over de manier waarop Van den Berg Roses in Ethiopië actief is. Dankzij de inzet van deze ondernemers, het doorzettingsvermogen van de lokale managers en de wisselwerking met de lokale bevolking is Van den Berg Roses een gevestigde naam geworden als rozenproducent in Ethiopië.

Joep Derksen

Het bedrijf is sinds 2006 gevestigd in Ziway en heeft daar alles van de grond af opgebouwd. Met als resultaat, dat nu maar liefst 1.100 mensen een inkomen én een toekomst hebben, dankzij de rozenkwekerij. Dat wil overigens niet zeggen, dat alles over rozen is gegaan. Huub van den Berg laat weten: 'Wij zijn met achttien hectare gestart en twee jaar later kregen we de kans om met 22 hectare weer uit te breiden. In die tijd waren we klokaanvoerder en zijn we gestart met het kweken van negen hectare aan grote planten van dezelfde soort. Dat was niet de juiste keuze en we zijn vervolgens vrij snel teruggeschakeld naar meer soorten op één afdeling.'

Van den Berg Roses heeft alles zelf moeten ontdekken. Dat is toch wel jammer, zo erkennen de beide ondernemers. 'We hebben in Nederland veertig jaar rozen geteeld. Door de openheid en coöperatieve gedachte zijn we sterk geworden. Maar in Ethiopië is het ieder voor zich en niemand voor ons allen. Waarom moet het nou, dat bedrijven zo gesloten zijn? Als een bedrijf een nieuw soort geel roosje heeft, planten ze daar drie hectare van en willen ze het alleenrecht hebben voor het hele land!' Van den Berg senior vervolgt: 'Die samenwerking gaat er ook niet meer komen, want alle bedrijven die er nu zitten, zijn al een bepaalde afzetmarkt ingeslagen en hierdoor teveel verschillend van elkaar geworden.' Wel onderkent hij de bedreigingen in de lokale markt: 'De Indiërs zijn op dit moment verder dan die paar Nederlanders die er zitten. Je ziet clusters ontstaan met Indiërs die samenwerken op het gebied van assortiment en inkoop. Er is bij ons Nederlanders te weinig openheid, waar je eigenlijk elkaar kunt versterken door wél samen te werken, zoals met een monsterkas met allerlei soorten bloemen. Het is zonde dat we die kans voorbij laten gaan.'

Vanuit Ethiopië gaat 70% van de rozen, zo'n miljoen stelen per jaar, rechtstreeks naar Engeland, waar de rozen via een tussenpersoon door Aldi in de winkels in het Verenigd Koninkrijk worden verspreid. Hierdoor worden de kosten bespaard van een tussenstop van het vrachtvliegtuig voor de veiling in Nederland, om vervolgens weer door te vliegen naar Engeland. 50% van de rozen wordt als mengbosje aangeleverd; met drie verschillende kleuren. Één zo'n grote klant lijkt risicovol, maar juist door de samenwerking met Aldi ziet de toekomst er goed uit. Aldi is verzekerd van een gegarandeerde aanstroom van rozen, voor haar eigen label en met een Fairtrade keurmerk.

Bovendien hebben Van den Berg en Aldi de handen ineengeslagen om in Ziway een 'food store' op te zetten. Aldi draagt per zending een bedrag bij aan het leveren van eerste levensbehoeften, zoals rijst, bloem en specerijen aan die food store. Hierdoor zijn de medewerkers verzekerd van goede voeding. Bovendien kan Joint Body, de fairtrade organisatie binnen Van den Berg Roses, deze voedingsproducten op basis van Fairtrade en met 40% korting op de inkoopprijs aanschaffen.

Ook is Van den Berg Roses nu bezig met het opzetten van een school voor Ethiopische kinderen met een beperkign. Dan gaat het bijvoorbeeld om kinderen die niet kunnen lopen, of doof zijn. Van en Berg: 'Deze kinderen worden nu eigenlijk weggestopt of juist aan de straat gezet.' Zien de mensen jullie als een Godsgeschenk? Vader en zoon lachen: 'Nee; onze aanwezigheid went snel. Maar wel zouden we graag zien, dat de Nederlandse overheid ons meer zou ondersteunen. Doordat wij ons bedrijf daar hebben opgezet, is er geen armoede meer. We hebben er waterinstallaties geplaatst en een filtersysteem, zodat de mensen er dagelijks gezond drinkwater hebben. Het is veel beter om economische projecten op te zetten, dan miljoenen euro's weg te geven. Door de productieactiviteiten van de bloemenindustrie zijn er in Ethiopië nu al 16.000 mensen aan het werk, waardoor hun gezinnen kunnen eten.'

Ook de ondersteuning van de lokale overheden laat nogal eens te wensen over. De beide ondernemers geven als voorbeeld: 'We zouden uit kunnen breiden, maar het is zo lastig om de lokale bevolking mee te krijgen. Dan loopt er één koe op een hele hectare. Als we daar rozen kweken, komen er 26 mensen te werken. Waarom zien ze niet in, dat als je een rozenbedrijf hebt, je daar 26 gezinnen van kunt laten eten?


Het produceren van rozen blijft een uitdaging in Ethiopië. 'Ik ben er van overtuigd dat we het mooiste bedrijf van Ethiopië hebben. Maar aan het eind van het jaar moeten we wel de rekeningen betalen. We verdienen geen bakken met geld. Als je het echt serieus wilt doen, kost het je zelfs geld. De marges in de keten zijn dun. We praten over orders met tienden van centen die worden afgesloten.' De faciliteiten in Ethiopië worden geleid door twee Nederlandse managers; het zit er niet in, dat er een Afrikaans management gaat komen. En daar zijn goede redenen voor. 'In de beginjaren moesten we rekening houden met de normen en waarden in het land. Maar binnen het bedrijf moet je dat niet al teveel doen. Dan wordt het een Afrikaans bedrijf en gaat het een zooitje worden. Als het vandaag moet, dan moet het ook vandaag geleverde worden en niet morgen.'