Dé lokale en regionale nieuwssite

Beste bezoeker, Als journalist schrijf ik over actuele zaken. Deze blog heeft ruim anderhalf miljoen bezoekers verwelkomd. Hier vindt u alle, ruim 22.100, gepubliceerde artikelen, verschenen in landelijke, regionale en lokale dag- en weekbladen en magazines. Veel leesplezier! Mocht u onderwerpen aan de kaak willen stellen, neemt u dan contact met mij op: joepderksen@live.com. Foto's kunnen, tegen vergoeding, besteld worden via dit emailadres.

03 april 2017

Column

Zomaar op een zonnige donderdagochtend bracht wethouder Henk Hoek het nieuws, dat insloeg als een bom. Het college van burgemeester en wethouders wil al het maatschappelijk vastgoed 'afstoten'. Het woord 'afstoten', waarde columnlezer, is een eufemisme en te vergelijken met 'verkopen', 'dumpen' of 'slopen'.

'We willen niet investeren in stenen, maar in activiteiten', zo klonk het uit de mond van de wethouder. We moeten af van het 'oude denken', dat de gemeente helpt bij het realiseren van onderkomens voor sport- en culturele verenigingen. Volgens het college staat de gemeenschap te springen om allerlei zaken zelf op te pakken.

Dat is mooi gezegd, maar wat betekent dat in de praktijk? De keren, dat ik bij de ene of de andere vereniging kom, zie ik dat het altijd dezelfde mensen zijn, die (vaak al tientallen jaren) er voor zorgen dat de club blijft draaien. De meeste leden zijn veel te druk, druk, druk om ook nog tijd over te hebben om te helpen op de club. Vaak zijn de ouders al lang blij, dat de kinderen twee uur de deur uit zijn om te sporten; dan is er even tijd om boodschappen te doen of langs de pedicure te gaan.

Natuurlijk is het collegeplan om niet meer te investeren in gebouwen en sportvelden in theorie heel prachtig. Ziet u het al voor zich: Kaag en Braassem in Wonderland; hand in hand werken ouders en kinderen samen om van hun club een goed geoliede vereniging te maken. Samen zorgen ze er voor, dat de sportvelden goed onderhouden worden. En als er een nieuw kunstgrasveld moet komen, grijpt iedere Woubruggenaar, Leimuidenaar of Hoogmadenaar in de portemonnee om bij te dragen. Dan maar niet op vakantie en die koelkast of wasmachine kan ook nog wel een paar maanden wachten.

De praktijk, waarde college, is echter toch een stuk weerbarstiger. We leven dan wel niet meer in een verzorgingssamenleving, maar het is voor veel gezinnen een keiharde strijd om te (over)leven. In de jaren '80 was je met twee inkomens in één gezin spekkoper. Je kon door dat dubbele inkomen gemakkelijk drie keer op vakantie en genoot van je golf- en pololidmaatschappen. Maar tegenwoordig moeten beide echtgenoten werken om überhaupt de kosten als hypotheek, benzine, water en elektriciteit te betalen. En tussen de twee keer 40-urige werkweken door, moeten ook de kinderen nog van hot naar her gereden worden.

Natuurlijk kunnen wel een paar panden, die bijna niet gebruikt worden, afgestoten worden. Maar dit collegeplan om de samenleving tegelijkertijd verantwoordelijk te laten zijn voor de toekomst van met name de sportvelden, is onzalig en onverantwoordelijk. Sportverenigingen kunnen namelijk niet binnen vijftien jaren voldoende geld inzamelen (circa een miljoen euro) om een nieuw kunstgrasveld aan te leggen. En alle leden van sport- en cultuurverenigingen kunnen hun borst ook nat maken; nu de gemeente nog extra subsidies wil stopzetten, zit er voor veel verenigingsbesturen niets anders op dan naar andere inkomsten te kijken. En dan komt al snel de optie van het verhogen van de contributies om de hoek kijken. Het is weer een extra financiële belasting voor de inwoners, die er toe kan leiden, dat het sport- of culturele lidmaatschap van kinderen wordt opgezegd. Het college moet stoppen met het dumpen van haar verantwoordelijkheid op de samenleving!


Joep Derksen