Op naar de Topklasse
“Ik wist het in het veld altijd beter, dus ben ik op m’n 33ste als fluiter begonnen. Na een paar jaar fluiten dacht ik bij mezelf tijdens een wedstrijd dat de verhitte gemoederen tussen de twee teams ook wel eens een beetje aan mijn beslissingen te wijten waren. Vervolgens ging ik een scheidsrechtersopleiding volgen en na voltooiing floot ik KNVB-wedstrijden in de vierde klasse reserve.” Hij zucht als hij hieraan terugdenkt: “Mijn eerste wedstrijd was Bernardus 2 tegen Wassenaar 3. Dat waren wereldpotten. Ik floot ruim een jaar op dit niveau, daarna ging ik ophoog naar het fluiten van wedstrijden in de 3e klasse standaard, met af en toe een wedstrijd in de tweede klasse standaard en hoofdklasse reserve.”
In tegenstelling tot wat vaak gezegd wordt, vindt De Jong niet dat er op en naast het veld onbeschofter met de scheidsrechter omgegaan wordt. “Nu is er nauwelijks een andere bejegening tegen de scheidsrechters als tien jaar geleden. Je hoort wel alles, maar je moet niet alles willen horen; ik ben ook wat soepeler dan tien jaar geleden.” Niemand is onfeilbaar met zijn fluit, dat erkent De Jong: “Je mag het niet goedkeuren, maar onzinnige beslissingen geven ertoe aanleiding dat spelers babbels krijgen. Iedereen vindt zich tegenwoordig ook belangrijker dan anderen en we zijn met ons allen een stuk mondiger dan twintig jaar geleden.”
0 Comments:
Een reactie posten
<< Home